Home / Nieuws / Ook MR heeft rol bij aanpak pesten 036 - 533 15 00
 

VOO Nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van nieuws, ledenbijeenkomsten en activiteiten? Abonneer u op onze nieuwsbrief.

Ook MR heeft rol bij aanpak pesten

26 maart 2013
Auteur:
News

Staatssecretaris Sander Dekker van onderwijs en kinderombudsman Marc Dullaert presenteerden deze week het plan waarmee ze pestgedrag de school uit willen werken. Een stevige opgave: pesten is behalve ernstig ook erg hardnekkig.

De Vereniging Openbaar Onderwijs is van mening dat de aanpak van pesten het meest effectief is als alle partijen betrokken zijn en adviseert Dekker en Dullaert daarom ook te kijken naar de rol van de medezeggenschapsraad. De MR zou wel eens een onmisbare schakel kunnen zijn.

De trieste aanleiding voor het plan tegen pesten is gevoeglijk bekend. Dit is echter het topje van de ijsberg; minstens 10% van de scholieren wordt op een of andere manier gepest. En hoewel er inmiddels heel wat scholen zijn die een pestprotocol hanteren, heeft geen enkele onderwijsinstelling het pesten ooit definitief uit kunnen bannen.

Structureel en gedragen
De Vereniging Openbaar Onderwijs heeft in de afgelopen vijftien jaar scholen en besturen geadviseerd over het tegengaan van pesten. Als er íets duidelijk is geworden, dan is het wel dat het moet gaan om een structurele, maar vooral gedragen aanpak. Iedereen in en om de school – ouders, leerkrachten, niet onderwijzend personeel, leerlingen, bestuur – moet zich inzetten om pesten te voorkomen. Die eensgezindheid is belangrijker dan de methode of het programma waarmee de school het ongewenste gedrag te lijf wil gaan.

De MR aan zet
Staatssecretaris Dekker laat onderzoeken welke antipestmethode aantoonbaar werkt. Dergelijk gedegen onderzoek is belangrijk maar kost veel tijd. Intussen moeten er stappen worden gezet. Bekend is dat de houding van alle betrokkenen tegenover het pesten belangrijk is. De medezeggenschapsraad van een school beschikt daarbij over een aantal troeven. Zo heeft de MR (ouders, personeel en in het voortgezet onderwijs ook de leerlingen) een flinke stem in het beleid ten aanzien van veiligheid, gezondheid en welzijn van leerlingen. Deze taak, vastgelegd in artikel 10, lid e van de Wet medezeggenschap op scholen (WMS), geeft de MR het recht toe te zien op een stevig beleid tegen pesten.

Echter, misschien wel nog belangrijker in dit verband is artikel 7 van de WMS. Dit artikel, dat doorgaans weinig aandacht krijgt, geeft de MR expliciet de opdracht openheid en onderling overleg in de school te bevorderen en discriminatie tegen te gaan. Versterking van de positie van de MR – waarin immers alle geledingen binnen de school vertegenwoordigd zijn – zou daarom wel eens effectiever kunnen zijn dan een opgelegde verplichting.

Naar boven

Deel |