Home / Nieuws / Commentaar: Onlogische reactie OCW op voorstel VOO 036 - 533 15 00
 

VOO Nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van nieuws, ledenbijeenkomsten en activiteiten? Abonneer u op onze nieuwsbrief.

Commentaar: Onlogische reactie OCW op voorstel VOO

23 mei 2017
Auteur: drs. Janny Arends
News

De reactie van staatssecretaris Sander Dekker op een aantal belangrijke medezeggenschapsvoorstellen is onlogisch. Dat vindt de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO), die met de voorstellen enkele omissies in de wetgeving wil herstellen.

Vorig najaar stuurde de Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) een brief aan minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker (OCW) met een aantal vragen naar aanleiding van recente wetswijzigingen op het gebied van medezeggenschap. De VOO constateerde daarin een aantal onduidelijkheden en vroeg aandacht voor enkele onzorgvuldigheden in de wet. De reactie van OCW is teleurstellend.

Bij de benoeming van een bestuurder moet sinds januari 2017 een sollicitatiecommissie worden ingesteld waarin een MR-personeelslid en een MR-ouderlid zitten. De VOO is hier voorstander van, maar vindt het logisch om de betrokkenheid van personeel en ouders ook wettelijk vast te leggen bij het benoemen van een bestuurder van een samenwerkingsverband en een schooldirecteur. Alle drie de functionarissen zijn immers de belangrijkste vertegenwoordiger van de instelling waar ze leiding aan geven en in feite verrichten ze hetzelfde werk, zij het op een ander niveau. De VOO pleitte er dus voor om bij alle drie de functies de inbreng van ouders en personeel in de sollicitatiecommissie wettelijk vast te leggen.


Niet overtuigend

De reactie van Dekker wekt verbazing. Dekker volgt het VOO-voorstel waar het gaat om de bestuurder van een samenwerkingsverband (daar wordt de inbreng van MR-personeelsleden en MR-ouders geregeld), maar voor een schoolleider is uitbreiding van de wet volgens Dekker niet nodig. Zijn argumenten overtuigen niet.

In zijn brief aan de VOO verschuilt de staatssecretaris zich eerst achter het argument dat de sollicitatiecommissie bij benoeming van bestuurders er bij amendement is ingekomen; kennelijk vond hij het zelf niet belangrijk. Vervolgens geeft hij toe dat het logisch is om de lijn door te trekken naar de bestuurder van het samenwerkingsverband, maar diezelfde logica is kennelijk niet van toepassing op de schoolleider; voor de VOO een onbegrijpelijke redenering.

Sterker nog, Dekker durft te stellen dat er geen signalen zijn die erop wijzen dat er problemen zijn met de samenstelling van een sollicitatiecommissie voor een schoolleider.  Er is weliswaar geen onderzoek gedaan, maar de VOO bereiken met enige regelmaat berichten die het tegendeel bewijzen. En daarbij: waarom zou je moeten wachten op problemen alvorens een wetswijziging door te voeren? Het kan toch van wijs beleid getuigen als de inzet is om problemen te voorkomen?


Nietigheid bij een adviesgeschil

Een ander opvallend punt is de reactie van Dekker op het verzoek van de VOO om de MR de mogelijkheid te geven om niet alleen bij een instemmingsgeschil, maar ook bij een adviesgeschil de nietigheid van een besluit in te roepen. In plaats van een inhoudelijk argument te geven om dit voorstel niet over te nemen, haalt Dekker de Landelijke Geschillencommissie WMS erbij. Hij wijst op het bewust gekozen verschil aan gewicht tussen advies- en instemmingsrechten van de MR en licht dit toe door te verwijzen naar de toetsingscriteria die de LCG WMS toepast bij advies- en instemmingsgeschillen. De VOO wijst erop dat het oneigenlijk is om de LCG hier als bewijs- of rechtvaardigingsgrond voor het verschil tussen advies en instemming op te voeren; de LCG kan immers niet anders dan toetsen op grond van de wet.


Afschaffen interpretatiegeschil

De mogelijkheid om een interpretatiegeschil aan de LCG voor te leggen, is zonder ogenschijnlijke aanleiding en in ieder geval zonder enige toelichting door het ministerie uit de Wet medezeggenschap op scholen (WMS) geschrapt. Het is de vraag wiens belang hiermee is gediend. De mogelijkheid om een nalevingsgeschil aan te melden, is juist aan de WMS toegevoegd.

Voor alle duidelijkheid: de VOO is er een groot voorstander van dat de geschillencommissie nalevingsgeschillen behandelt, in plaats van de Ondernemingskamer. Maar de VOO kan geen rechtvaardiging bedenken waarom het toevoegen van een bepaald geschil zou moeten leiden tot het schrappen van een ander geschil. Een meningsverschil over de interpretatie van de wet voorleggen aan de geschillencommissie is immers van een heel andere orde dan het vorderen van naleving. Een interpretatiegeschil vraagt om duidelijkheid; bij een nalevingsgeschil heeft het bevoegd gezag de wet overtreden door geen instemming aan de MR te vragen.

Foto door ministerie van Onderwijs - Eigen werk, CC BY-SA 4.0

Naar boven

Deel |