Home / Nieuws / De VOO en artikel 23 van de Grondwet 036 - 533 15 00
 

VOO Nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van nieuws, ledenbijeenkomsten en activiteiten? Abonneer u op onze nieuwsbrief.

De VOO en artikel 23 van de Grondwet

23 juli 2019
Auteur:
News

‘Niet apart, maar samen’, dat is al sinds 1966 het motto van de Vereniging Openbaar Onderwijs. Wij vinden dat kinderen bij elkaar in de klas moeten zitten, ongeacht de levensbeschouwelijke achtergrond van hun ouders. Zo zorgen we ervoor dat kinderen vanuit allerlei achtergronden met elkaar en van elkaar kunnen leren.

Op dit moment halen we kinderen vanaf hun vierde -en steeds vaker nog eerder- uit elkaar op basis van de levensovertuiging van hun ouders. Daarmee ontstaat bijna onvermijdelijk wij-zij denken; een zeer onwenselijke manier om hen voor te bereiden op het zelfstandig functioneren in onze ingewikkelde, multiculturele maatschappij. In plaats van kennis, begrip en respect voor mensen die anders zijn en denken, vergroten we zo de kans dat er onbegrip ontstaat. De maatschappij als geheel is er dus niet bij gebaat.

“Kinderen moeten juist in interactie met elkaar ontdekken hoe verschillend mensen kunnen zijn en vanuit die diversiteit ook zelfstandig in de gelegenheid worden gesteld hun eigen mens- en maatschappijbeeld te vormen”, aldus Marco Frijlink, directeur-bestuurder van de VOO.

Het systeem waardoor onderwijs op levensbeschouwelijke grond wordt gefinancierd door de overheid is in de huidige maatschappelijke context volstrekt achterhaald. Veel katholieke en protestants-christelijke scholen geven aan weinig tot niets meer te doen aan hun religieuze opdracht. Een reden te meer om er dan maar mee te stoppen.

Wat overigens niet betekent dat wij tegen religie zijn; de VOO vindt dat er ruimte moet zijn voor levensbeschouwing en religie op scholen. Religieuze of anderszins levensbeschouwelijke zingeving is een diep-menselijke drang. Een school kan helpen deze te ontwikkelen door kinderen in aanraking te laten komen met alle in onze maatschappij voorkomende levensbeschouwelijke en religieuze opvattingen. En te faciliteren dat kinderen daarover met zichzelf en met anderen in gesprek gaan.

 

Eind september vindt er een plenair debat plaats in de Tweede Kamer over de vrijheid van onderwijs. In aanloop daar naartoe vindt op 4 september een hoorzitting plaats door de Vaste Kamercommissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap met betrokkenen en deskundigen uit het veld. De Vereniging Openbaar Onderwijs is daar ook voor uitgenodigd.

 

Naast bovenbeschreven algemene stellingname zullen wij pleiten voor het in elk geval zodanig aanpassen van artikel 23 van de Grondwet, dat het niet meer mogelijk is om scholen op religieuze/levensbeschouwelijke grond te stichten en dus ook niet te financieren. Dit als eerste stap op weg naar een onderwijssysteem waar kinderen van alle achtergronden met elkaar in de klas zitten en van en met elkaar leren, als voorbereiding op constructief samenleven als volwassenen.

 


 

 

De Vereniging Openbaar Onderwijs is opgericht in 1866 en bestaat dit jaar dus 153 jaar. De vereniging, waar direct en via medezeggenschap- en ouderraden ruim 10.000 ouders en leerkrachten aan zijn verbonden, behartigt de belangen van het openbaar onderwijs en pleit voor het verdwijnen van het onderscheid tussen bijzonder en openbaar onderwijs.

Voor journalisten: mocht u contact willen hebben met de bestuurder van de VOO dan kunt u in de vakantietijd contact opnemen via 06-47252765

Naar boven

Deel |