Home / Dossiers / Bijzondere bevoegdheden 036 - 533 15 00
 

VOO Nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van nieuws, ledenbijeenkomsten en activiteiten? Abonneer u op onze nieuwsbrief.

Bijzondere bevoegdheden

De (G)MR heeft vijf bevoegdheden of rechten die zijn vastgelegd in de Wet medezeggenschap op scholen (WMS). Het gaat om drie algemene en twee bijzondere bevoegdheden. Hieronder vindt u de bijzondere bevoegdheden.

Instemmingsrecht
Het instemmingsrecht wil zeggen, dat voor bepaalde, in het reglement van de (G)MR genoemde besluiten, het bevoegd gezag vooraf de instemming van de (G)MR of een geleding nodig heeft. Het bevoegd gezag mag het besluit niet uitvoeren als deze instemming ontbreekt. Het bevoegd gezag moet zijn beleid zo wijzigen dat de MR er wel mee akkoord gaat, of het moet het geschil dat is ontstaan voorleggen aan de geschillencommissie. Laat het bestuur er niets meer over horen, dan kan de raad er na drie maanden van uitgaan dat het voorstel is vervallen.

Adviesrecht

Bij het adviesrecht gaat het erom dat bij een aantal in het reglement vastgelegde aangelegenheden het bevoegd gezag advies moet vragen aan de MR. Het bevoegd gezag mag een advies naast zich neerleggen. Bij een negatief advies van de raad wordt de uitvoering van het besluit 6 weken opgeschort (tenzij de raad het wel best vindt dat het toch wordt uitgevoerd). In die 6 weken kan de MR besluiten of hij het geschil wil voorleggen aan de geschillencommissie. Gebeurt dit niet, dan kan het bestuur het besluit wel uitvoeren - dit in tegenstelling tot de situatie bij een instemmingsgeschil.

Wanneer naar aanleiding van het instemmings- of adviesrecht een geschil ontstaat tussen de (G)MR en het bevoegd gezag, kan één van de partijen de hulp van de Landelijke Commissie voor Geschillen WMS inschakelen.

Naar boven

Deel |