Home / Medezeggenschap / Themabrief medezeggenschap / Passend onderwijs en medezeggenschap 036 - 533 15 00

VOO Nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van nieuws, ledenbijeenkomsten en activiteiten? Abonneer u op onze nieuwsbrief.

Passend onderwijs en medezeggenschap

Nu de wet Passend Onderwijs eind 2011 is aangeboden aan de Tweede Kamer is het van belang te bezien op welke wijze de (mede)zeggenschap vorm krijgt binnen het nieuwe samenwerkingsverband (SWV). De minister is van plan ieder SWV een eigen bestuur te laten vormen met zeggenschap over de wijze waarop passend onderwijs gerealiseerd wordt. De verdeling van de middelen voor lichte en zware vormen van ondersteuning is een tweede belangrijke taak van het SWV-bestuur. Die plannen van het SWV-bestuur zullen moeten worden voorgelegd aan een medezeggenschapsorgaan, een zogenaamde ondersteuningsplanraad. Want: waar zeggenschap is, is medezeggenschap!

auteur: Rein van Dijk

De bevoegdheid van de ondersteuningsplanraad
Het bestuur van het SWV zal haar plannen beschrijven in een ondersteuningsplan. In dat plan wordt aangegeven op welke wijze de samenwerkende schoolbesturen passend onderwijs gaan realiseren in hun SWV. De middelen worden verdeeld over de scholen en voorzieningen, waardoor aan ieder kind met een specifieke ondersteuningsbehoefte een passende plek wordt geboden. Dat ondersteuningsplan wordt ter instemming voorgelegd aan de ondersteuningsplanraad. Dat is in lijn met de huidige instemming die wordt gevraagd bij het zorgplan (WMS art. 10 lid b).

Medezeggenschap op schoolniveau
Op iedere school wordt een ondersteuningsprofiel beschreven. Dat is het document dat beschrijft hoe de school leerlingen met een specifieke ondersteuningsvraag gaat begeleiden. Het kan daarbij gaan om steun, die de school zelf kan bieden en de steun die met behulp van derden kan worden geboden. Dat ondersteuningsprofiel wordt ter advisering voorgelegd aan de medezeggenschapsraad van de school.

Samenstelling van de ondersteuningsplanraad
De minister wil de ondersteuningsplanraad laten samenstellen uit en door de leden van de MR’en in het SWV. Waarom de leden van de ondersteuningsplanraad uit de leden van de MR’en en niet uit de GMR’en moeten worden gekozen, is voor de minister duidelijk. De leden van de MR’en weten het beste wat er speelt in de school, zij weten wat er nodig is om binnen de scholen op een juiste wijze de ondersteuning van de leerlingen vorm te geven. De MR-leden kunnen dus het beste beoordelen of de plannen van het SWV-bestuur in voldoende mate tegemoet komen aan de schoolspecifieke wensen en behoeftes. De GMR-leden staan verder af van de scholen, terwijl de minister nu juist de stem vanuit de scholen wil laten doorklinken in de ondersteuningsplanraad.

Dat de leden van die toekomstige ondersteuningsplanraad door de leden van de MR’en worden gekozen – en dus niet door de GMR-leden – heeft een andere achtergrond. De grenzen van het SWV zijn bijna altijd gemeentegrenzen. De grenzen van het gebied dat een schoolbestuur bestrijkt gaan vaak over die gemeentegrenzen heen. Dan kan het voorkomen dat een GMR-lid van een schoolbestuur in het ene SWV woont en gekozen zou kunnen worden in een ondersteuningsplanraad in het naburige SWV. Dat vindt de minister onwenselijk. Je kunt als ouder slechts invloed uitoefenen in het SWV, waar je kind naar school gaat of waar je werkt als personeelslid. De grenzen van het SWV zijn wat dat betreft bepalend.

Tijdpad
Wanneer de wet Passend Onderwijs wordt aangenomen zullen de schoolbesturen in het schooljaar 2012-2013 in ieder SWV een bestuur voor dat SWV inrichten. Dat bestuur zal zich vervolgens richten op het totstandkomen van een ondersteuningsplan. Wanneer de medezeggenschap bij dat eerste plan tot zijn recht wil komen, dienen de MR’en en de besturen zich tevens te focussen op het inrichten van een sterke ondersteuningsplanraad. Zeker in deze initiële fase van ontwikkeling is medezeggenschap van groot belang. En dan vanaf de start van de planvorming. Door in een vroegtijdig stadium het bestuur en de medezeggenschapsraden samen te laten nadenken over de kaders van het ondersteuningsplan wordt voorkomen dat slechts achteraf instemming moet worden verleend aan een plan waarover de ouders en personeelsleden in de scholen nog nauwelijks hebben kunnen nadenken.


Startbijeenkomsten over de ondersteuningsplanraad
De Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) organiseert dit voorjaar een aantal startbijeenkomsten over de ondersteuningsplanraad (OPR). De bijeenkomsten zijn bedoeld voor MR- en GMR-leden, die meer willen weten over de voorwaarden en het wettelijk kader voor de ondersteuningsplanraad in het samenwerkingsverband van passend onderwijs.

Er vinden bijeenkomsten plaats in Almere (26/3), Utrecht (27/3), Amsterdam (29/3), Rotterdam (2/4), Groningen (3/4) en Den Bosch (5/4).

Klik hier voor meer informatie over de startbijeenkomsten.

 

Naar boven

Deel |