Home / Medezeggenschap / Themabrief medezeggenschap / Rol van de MR bij het vaststellen van de vrijwillige ouderbijdrage 036 - 533 15 00

VOO Nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van nieuws, ledenbijeenkomsten en activiteiten? Abonneer u op onze nieuwsbrief.

Rol van de MR bij het vaststellen van de vrijwillige ouderbijdrage

Auteur: Janny Arends

Nu op veel scholen in deze tijd de jaarvergadering van de ouderraad/oudervereniging plaatsvindt, waar de ouderraad financiële verantwoording aflegt en voorstellen voor het nieuwe jaar presenteert, wordt geregeld de vraag gesteld wat de rol van de MR is bij het vaststellen van de vrijwillige ouderbijdrage die door de ouderraad wordt geïnd.

Vrijwillige ouderbijdrage
De vrijwillige ouderbijdrage, ook wel activiteitenbijdrage genoemd, is een geldbedrag dat aan ouders wordt gevraagd om extra activiteiten en voorzieningen te kunnen financieren. Het gaat dan om zaken die niet binnen de reguliere bekostiging van het onderwijs vallen, maar die de schooltijd van de kinderen aangenamer maken. Voorbeelden hiervan zijn reisjes en uitstapjes, voorstellingen, feesten en voorzieningen als een geluidsinstallatie.
De term ‘vrijwillig’ is letterlijk bedoeld, dat wil zeggen dat ouders nooit gedwongen kunnen worden om te betalen. Ook mag de toelating tot een school niet afhankelijk worden gesteld van het betalen van de vrijwillige ouderbijdrage. Alleen wanneer ouders expliciet akkoord zijn gegaan met het betalen van de vrijwillige ouderbijdrage, bijvoorbeeld door het tekenen van een contract, kan de school betaling afdwingen. Als de ouders van een leerling de vrijwillige ouderbijdragen van een bepaalde activiteit niet (kunnen of willen) betalen, kan een leerling van die activiteit worden uitgesloten. Dat hoeft echter niet altijd zo te worden geregeld.

Vrijwillige ouderbijdrage in de praktijk
In de praktijk zijn er 2 soorten vrijwillige ouderbijdrage:


Als het schoolbestuur een bijdrage wil vragen aan de ouders dan moet hiervoor op grond van WMS-artikel 13 sub c en artikel 14, lid 2 sub c eerst de instemming van de oudergeleding van de medezeggenschapsraad zijn verkregen. De oudergeleding moet instemmen met zowel de hoogte als de besteding van de vrijwillige ouderbijdrage. Achteraf legt het schoolbestuur verantwoording af aan de oudergeleding van de MR over de besteding van de op deze wijze van ouders verkregen middelen. Die verantwoording maakt onderdeel uit van het algemeen overzicht van financiële baten en lasten.
Als de oudergeleding van de MR heeft ingestemd, betekent dit niet dat ouders de bijdrage móeten betalen, voor hen blijft het een vrijwillige bijdrage.

De ouderraad kan ook een vrijwillige ouderbijdrage vragen. De ouderraad doet aan de ouders van de school een voorstel voor de hoogte en de besteding, meestal tijdens de jaarvergadering. Alle ouders worden hiervoor uitgenodigd en alle ouders hebben hierbij stemrecht. De hoogte van de vrijwillige ouderbijdrage varieert per school van een paar tientjes tot honderden euro’s, dit is afhankelijk van hetgeen aan activiteiten en voorzieningen wordt aangeboden.
De ouderraad legt jaarlijks verantwoording af aan de ouders hoe het geld van de vrijwillige ouderbijdrage is beheerd en besteed. Dit gebeurt met behulp van een financieel jaarverslag waarbij ook een kascommissie is ingesteld.

Ouders hebben bij zowel de vrijwillige ouderbijdrage die door het schoolbestuur wordt gevraagd als bij die door de ouderraad wordt gevraagd, de mogelijkheid om het gevraagde bedrag in zijn geheel of slechts voor een aantal door hen gekozen activiteiten te betalen. Als de ouders een overeenkomst hebben getekend, zijn zij verplicht om te betalen.

De vraag of de oudergeleding van de MR zeggenschap heeft bij de hoogte en de besteding van de vrijwillige ouderbijdrage die door de ouderraad wordt geïnd, moet dus negatief worden beantwoord.

Naar boven

Deel |