Home / Nieuws / Arbitraire norm voor onderwijstijd 036 - 533 15 00
 

VOO Nieuwsbrief

Altijd op de hoogte van nieuws, ledenbijeenkomsten en activiteiten? Abonneer u op onze nieuwsbrief.

Arbitraire norm voor onderwijstijd

16 december 2008
Auteur:
News

Niet de leerling, maar de schoolorganisatie staat centraal

De commissie onderwijstijd presenteert een absolute norm van 1000 uur voor alle leerlingen in het voortgezet onderwijs. De Vereniging Openbaar Onderwijs (VOO) vindt deze norm arbitrair. 'Het steekt opnieuw dat niet de leerling, maar een rekensom vanuit de schoolorganisatie centraal staat in deze normering,' zegt VOO-directeur Rob Limper. ‘De ene leerling is de andere niet en hetzelfde geldt voor de schoolsoort. Er moet een norm zijn, maar dan wel een variabele per schoolsoort.’
De commissie neemt expliciet afstand van de verschillen tussen leerlingen en schoolsoorten door te adviseren geen differentiatie aan te brengen in de urennorm op basis van schoolsoort of leeftijd. Zij vindt het de opdracht van het onderwijs om binnen de wettelijk verplichte onderwijstijd leerlingen de mogelijkheid te bieden zich maximaal te ontplooien. 'In de vorige kabinetsperiode waren alle landelijke onderwijsorganisaties het eens over een bandbreedte aan uren,' memoreert Limper. 'Door per schoolsoort het aantal uren vast te stellen kan aan leerlingen maatwerk worden geboden. De Tweede Kamer ging daaraan voorbij. Daarmee deed de Kamer en doet nu ook weer de commissie individuele leerlingen tekort. In het basisonderwijs wordt uitgegaan van de individuele mogelijkheden van een leerling. Waarom die lijn in het voortgezet onderwijs niet wordt doorgezet, is onbegrijpelijk. Een vmbo-leerling heeft naar verwachting meer contacturen nodig dan een vwo-leerling. En in het vmbo was de 1040 uur nauwelijks een probleem. Ruim 60% van de leerlingen krijgt nu dus minder onderwijs!'

In het rapport van de commissie staan enkele positieve punten. Een daarvan is de erkenning dat de materiële bekostiging voor scholen te laag is. Een ander is dat scholen zichtbaar moeten maken hoe wordt omgegaan met de reacties van ouders, leerlingen en omgeving op de verantwoording van school. Commissievoorzitter Cornielje zei bij de presentatie van het rapport dat de ouders en leerlingen in de medezeggenschapsraad een instemmingsbevoegdheid moeten krijgen op het vaststellen van het rooster. De wet zou daarop moeten worden aangepast. Dit punt is overigens in het rapport niet terug te vinden.
 

Naar boven

Deel |